|
Het eiland
Nieuw-Guinea vormde in de prehistorie één geheel met Australië. Veel
diersoorten komen zowel in Australië als in Nieuw-Guinea voor, maar
hebben zich onafhankelijk verder ontwikkeld. De eerste bewoners van
Papua Nieuw-Guinea zijn meer dan 50.000 jaar geleden, via
Zuidoost-Azië, op Nieuw-Guinea neergestreken. Er is zeer weinig
bekend over de geschiedenis van deze Melanesische bevolking. Vanaf
Papua Nieuw-Guinea trokken sommige bewoners verder naar de eilanden
van de westelijke Pacific. De culturen van Papua Nieuw-Guinea,
Solomon-eilanden, Nieuw-Caledonië en Vanuatu vertonen dan ook veel
overeenkomsten.
Het eerste
contact met Europeanen verliep indirect, maar had voor de
levenswijze van de bewoners verstrekkende gevolgen. De zoete
aardappel, nu het belangrijkste volksvoedsel, en de stalen bijl
werden geïntroduceerd. Alhoewel ontdekkingsreizigers en handelaren
de kust regelmatig voorbij voeren, werd geen poging gedaan het land
te koloniseren. Alleen de Nederlanders vestigden enkele
handelsposten op de westkust van het eiland. In 1824 besloten de
Nederlanders en Engelsen het eiland te verdelen.
Nadat ook de Duitsers hun
interesse voor Nieuw-Guinea hadden getoond, werd de oostelijke helft
in 1884 verdeeld tussen de Duitsers (noordkust) en Engelsen. De
grens liep dwars door de dichtbevolkte hooglanden, waarvan iedereen
destijds dacht dat het onbewoond was. De Duitsers hadden gehoopt
goud te vinden in hun territorium, maar na 15 jaar zoeken was er nog
bijna niets gevonden. Ze gaven hun territorium op en vestigden zich
op de eilanden in de Bismarck-zee. Het Britse en Duitse gedeelte van
Nieuw-Guinea werd in 1906 resp. 1912 onder Australisch bestuur
geplaatst. Begin 20ste eeuw werd ook begonnen met het onderzoeken
van de binnenlanden. In 1933 werd tot grote verrassing de
dichtbevolkte Waghi Valley ontdekt.
Tijdens het
begin van de tweede wereldoorlog bezetten de Japanners de
noordwestkust van Nieuw-Guinea. De Japanners hebben ook getracht bij
Port Moresby te landen, maar dat werd verhinderd door geallieerd
optreden. Eind 1942 vond de "battle of the Coralsea" plaats, waarbij
enkele Japanse vliegdekschepen zwaar werden beschadigd. Enkele
maanden later werd de Japanse vloot zware verliezen toegebracht bij
Midway, waardoor de Japanners niet meer in staat waren om invasies
uit te voeren. De Japanse troepen op de noordkust trachtten echter
door de zeer dichtbegroeide jungle zich een weg te banen naar Port
Moresby. Na grote ontbering en met de stad in zicht, werden de
Japanners in de bergen tegengehouden. Het front aan de zgn. Kokoda
Trail was het toneel van felle gevechten. Tot aan het eind van de
oorlog was er strijd aan de noordkust van Nieuw-Guinea. Ook Rabaul,
op het eiland New Britain, was tot het eind van de oorlog in handen
van de Japanners. Uiteindelijk gaf slechts een fractie van de
Japanse soldaten zich hier levend over aan de geallieerden.
Na de oorlog,
weer onder Australisch bestuur, werd in snel tempo de binnenlanden
opengelegd voor westers exploratie van de daar in grote hoeveelheden
aangetroffen mineralen (m.n. koper). In 1975 werd Papua Nieuw-Guinea
onafhankelijk.
Voor meer produkt informatie over Papua
Nieuw-Guinea, ga naar: |