Invercargill is de meest zuidelijk gelegen stad en is door
Schotse emigranten gesticht in 1850. Dit is duidelijk terug te zien aan de
straatnamen die vaak vernoemd zijn naar Schotse rivieren. De stad is ruim
opgezet en heeft brede kaarsrechte straten omzoomd met groen en parken. De
stad mist echter toeristische trekpleisters en wordt meestal enkel gebruikt
als uitgangspunt voor een trip naar Stewart Island, de Catlins of het ruige
zuidelijke deel van Fiordland.Ondanks dat de stad echte hoogtepunten mist,
zijn er toch een aantal bezienswaardigheden die de moeite waard zijn.
Het Southland Museum Art Gallery herbergt Maori kunst, kunstexposities van
diverse kunstenaars. Bijzonder is ook de reptielentuin, waar Nieuw Zeelands
‘levende fossielen’, de Tuatara’s rondstappen waarvan sommigen al honderd
jaar oud zijn. In het Subantartic Islands Interpretive Centre kunt u een
spectaculaire audiovisuele reis maken waarbij u tijdens ‘The Roaring Forties
Experience’ meer te weten komt over de vijf afgelegen eilandreservaten
tussen Nieuw Zeeland en Antarctica. Naast het museum ligt het Queens Park,
een typisch Engelse geometrisch aangelegde bloementuin.
Zeven kilometer ten noorden van de stad vindt u de Anderson Park Art Gallery,
waar u een mooie collectie Nieuw Zeelandse kunst kunt bewonderen.
Wilt u de snelle bloei van eind 19e begin 20e eeuw van
deze stad zien ga dan naar Dee Street en Tay Street. In Dee Street staat het
eerste publieke ziekenhuis van Nieuw Zeeland daterend uit 1866.Verder is het
uit bakstenen opgetrokken Alexander Building interessant, vanwege de
verschillende stijlen die in het ontwerp gebruikt zijn.
In Tay Street staan een aantal mooie (neo) renaissance gebouwen zoals het
Civic Theatre en de St. – Johns’ Anglican Church, met zijn prachtige
gebrandschilderde ramen.Stewart
Island
Dit eiland is het op 3 na grootste van Nieuw Zeeland en staat bekend als een
groot natuurgebied. Zoals gezegd is dit eiland te bereiken van uit
Invercargill waarbij u de keuze heeft om per vliegtuig of de ferry te nemen
vanuit het iets verderop gelegen plaatsje Bluff.
Op het eiland zelf kunnen (gevorderde) wandelaars over goed uitgezette
wandelroutes hun hart ophalen en wandelingen maken door onbedorven natuur. U
kunt hier proberen in de avonduren de bruine Kiwi te ontdekken, in haar
natuurlijke omgeving, het Podacarp regenwoud.
Activiteiten die op het eiland mogelijk zijn: vissen (zalm), wandelen en
zelfs golf. Om het eiland goed te ontdekken moet u ongeveer 4 dagen
uittrekken.
Route van Tuatepere naar Riverton |
| Ten westen van Invercargill, op de
route naar Fiordland NP, ligt Tuatepere - 'sausage capital of New Zealand'.
Het stadje zelf is niet zo heel bijzonder, maar de omgeving is schitterende
om in te wandelen. Tien kilometer ten zuiden van dit dorp begint een mooie
route naar Riverton. Je rijdt langs de kliffen boven Te Waewae Bay. Stap
hier zeker even uit want hier zwemmen dolfijnen en walvissen voorbij. Ten
oosten van deze baai ligt Monkey Island waar je veilig kunt zwemmen, surfen
en het is een geweldige spot om te picknicken. Vlakbij ligt Orepuki waar
door de sterke zuidelijke winden bomen in een dramatische vorm van de kust
af groeien. De volgende interessante plek is Colac Bay, een voormalige
Maori-nederzetting en nu een populaire vakantieplek van de inwoners van
Southland. De route eindigt in Riverton, een van de oudste Europese plaatsen
van Nieuw-Zeeland. Hier settelden zich een van de eerste walvisvaarders. Er
zijn prima stranden te vinden en Riverton noemt zichzelf ook wel de 'Rivièra
of the South'. Informatie over een hotel in
Invercargill, ga naar: |