| Nevada is eigenlijk weinig meer dan een stuk
woestijn met twee gokparadijzen daarin. Voor de meeste bezoekers is
Las
Vegas de grootste attractie, voor anderen is dat juist de plaats om te
vermijden. Zeker is Las Vegas een fenomeen, en of het een interessant
fenomeen is moet u zelf maar uitmaken. De laatste jaren heeft de stad
geprobeerd zich een familie-vriendelijk imago aan te meten, vanuit het idee
dat als de ouders met de kinderen kunnen komen, ook jonge gezinnen een gokje
zullen wagen. Want daar gaat het allemaal om: gokken.
Maar ondanks de
enorme groei van Las Vegas, en de snel toenemende problemen die daarmee
samengaan, bestaat Nevada gewoon nog steeds uit vooral heel veel woestijn.
En die is in elk geval authentiek en biedt de bezoeker een ruwe en
interessante natuur. Zijn klimaat dankt Nevada aan zijn ligging in de
regenschaduw van de grote Sierra Nevada, in het oosten van
Californie.
Helemaal aan de andere kant van Las Vegas dat in het stuk van Nevada ligt
dat als een taartpunt tussen Californië en
Arizona wringt, ligt een van de
jongste nationale parken:
Great
Basin National Park (sinds 1986). De grote bezienswaardigheid zijn de
druipsteengrotten, maar het is een uitgestrekt natuurgebied. Het Great Basin
zelf is een afgesloten meer dat het regenwater, voorzover het er is, opvangt
maar niet afvoert. Het verdampt of verdwijnt in grondwaterbekkens.
U bent wel gewaarschuwd: woestijnen hebben een woestijnklimaat en dat
betekent ’s zomers enorme hitte die wel zeer droog is. In de winter is het
koel. Verschillen tussen dag- en nachttemperaturen kunnen behoorlijk extreem
zijn.
Een groot aantal spooksteden in Nevada herinnert nog een de bloeitijd van
de staat die begon met de Goldrush en zijn hoogtepunt vond in de ontdekking
van een gigantische zilverader: Comstock Lodge. Vandaar nog steeds de
bijnaam Silver State. Kerngegevens van Nevada |